PARLEMENTSVERGADERING TIJDENS RECES:

Volgens de huidige Grondwet kan het parlement zelf besluiten om terug te komen van reces. Na de grondwetswijziging kan alleen de president oproepen tot een parlementsvergadering tijdens een reces.

PASSIEF KIESRECHT:

Volgens de huidige Grondwet dienen kandidaten minstens 25 jaar te zijn om zich verkiesbaar te kunnen stellen voor het parlement. Met het nieuwe wetsvoorstel wordt de minimale leeftijd om verkozen te kunnen worden verlaagd naar 18 jaar.

AANTAL ZETELS IN HET PARLEMENT:

Het Turkse parlement bestaat momenteel uit 550 volksvertegenwoordigers. Met het amendement wordt dit verhoogd tot 600.

VERKIEZINGSTIJD:

Om de onpartijdigheid te waarborgen dienen, volgens de huidige Grondwet, de ministers van Justitie, Binnenlandse Zaken en Transport ontslag te nemen en vervangen te worden door onafhankelijke personen. Met de grondwetswijziging komt dit te vervallen.

VERKIEZINGEN:

Volgens de huidige Grondwet vinden de parlementsverkiezingen en de presidentsverkiezingen afzonderlijk van elkaar plaats. Na de wijziging is het de bedoeling dat deze twee verkiezingen gelijktijdig plaatsvinden.

ONTBINDING VAN HET PARLEMENT:

De huidige Grondwet geeft de president niet de bevoegdheid het parlement te ontbinden. Het parlement kan alleen worden ontbonden als het kabinet geen vertrouwen krijgt van het parlement of in het geval van een succesvolle motie van wantrouwen.  Met de wijziging krijgt de president onvoorwaardelijk het recht om het parlement te ontbinden en nieuwe verkiezingen uit te schrijven.  In dit geval wordt de president zelf ook ontbonden tot de verkiezingen.

DECREET (MET WETSKRACHT):

Volgens de huidige Grondwet is het de ministerraad die, slechts binnen de door het parlement gegeven bevoegdheid, decreten kan uitvaardigen. Met de wijziging kan de president, bij onderwerpen die bij zijn uitvoerende bevoegdheid horen, rechtstreeks, zonder mandaat van het parlement, decreten uitvaardigen.

MINISTERS:

In de huidige situatie benoemt de president een parlementslid als premier, waarna de premier zelf de ministers voordraagt die alleen aangesteld kunnen worden met instemming (het vertrouwen) van het parlement. Na de wijziging concentreert de uitvoerende macht zich bij de president en kan deze ministers aanstellen zonder dat instemming van het parlement vereist is.

REGERINGSVORM EN DE UITVOERENDE MACHT:

Volgens de huidige Grondwet berust de uitvoerende macht bij de president en de ministerraad. Na de wijziging zal de uitvoerende macht alleen bij de president berusten.

CONTROLE VAN DE REGERING:

Volgens de huidige Grondwet heeft het parlement een controlerende taak en de bevoegdheid om ministers te laten aftreden met een motie van wantrouwen. Het amendement schaft de controletaak en deze bevoegdheid van het parlement af.

NOODTOESTAND:

Volgens de huidige Grondwet is de ministerraad bevoegd om de noodtoestand uit te roepen wanneer sprake is van een natuurramp, epidemie of zware economische crisis. Met de grondwetswijziging verhuist deze bevoegdheid naar de president die de noodtoestand eenzijdig kan uitroepen in het geval van een oorlogssituatie, mobilisatie, opstand en rebellie, geweldssituaties of verstoringen van de openbare orde.

WETSVOORSTELLEN:

Momenteel kunnen zowel volksvertegenwoordigers als de ministerraad voorstellen doen voor nieuwe wetten en wetswijzigingen. Het voorgestelde amendement schaft deze bevoegdheid van de ministerraad af.

ONPARTIJDIGE PRESIDENT:

De huidige Grondwet verplicht de president, na acceptatie van het ambt, bestaande banden met politieke partijen te verbreken. Na de wijziging zal het mogelijk zijn voor de president om lid dan wel leider van een politieke partij te blijven.

VICEPRESIDENT:

In de huidige Grondwet bestaat het ambt van vicepresidenten niet. Het voorgestelde amendement geeft de president de mogelijkheid om eender wie aan te stellen als vicepresident, zonder verdere criteria. Vicepresidenten (meervoud) krijgen vervolgens juridische immuniteit en kunnen enkel worden berecht door het bijzondere Hooggerechtshof.

VERVANGING VAN DE PRESIDENT:

In de huidige situatie, wordt, in het geval van de dood, het onvermogen of een buitenlandreis van de president, de parlementsvoorzitter zijn/haar plaatsvervanger. Met de voorgestelde wijziging zal in genoemde gevallen één van de door de president aangestelde vicepresidenten plaatsvervangend president worden.

HOOGGEPLAATSTE BESTUURDERS:

Volgens de huidige Grondwet worden hooggeplaatste bestuurders (staatssecretarissen, directeuren-generaal, diplomaten etc.) aangesteld bij wet, uitgevaardigd door het parlement. Het voorgestelde amendement geeft de president de bevoegdheid om deze personen rechtstreeks aan te stellen. De relevante criteria zullen dan worden opgesteld aan de hand van presidentiële decreten.

MILITAIRE RECHTBANKEN:

Volgens de huidige Grondwet worden leden van de Turkse Strijdkrachten bij ambtsdelicten berecht door militaire rechtbanken. Met de wijziging worden militaire rechtbanken opgeheven.

CONTROLE VAN HET LEGER:

Volgens de huidige Grondwet heeft de presidentiële Staatstoezichtsraad niet de bevoegdheid om de Turkse Strijdkrachten te controleren. Met de wijziging krijgt de Staadstoezichtsraad deze bevoegdheid wel.

GOEDKEURING VAN DE BEGROTING:

Volgens de huidige Grondwet wordt de overheidsbegroting gemaakt door de ministerraad en wordt deze alleen van kracht na goedkeuring van het parlement. Na de grondwetswijziging zal de president de begroting maken en zal het mogelijk worden dat een begroting van kracht wordt zonder parlementaire goedkeuring. Bij gebrek aan parlementaire goedkeuring gaat namelijk de begroting van het voorafgaande jaar in werking, met een inflatiecorrectie.

HOGE RAAD VAN RECHTERS EN OFFICIEREN VAN JUSTITIE:

De Hoge Raad van Rechters en Officieren van Justitie is momenteel verantwoordelijk voor de benoemingen en eventuele ontslagen van de leden van de rechterlijke macht. Volgens de huidige Grondwet wordt 20% van de leden van deze raad benoemd door de President terwijl de rest wordt gekozen door leden van de rechterlijke macht. Met het voorgestelde amendement zal 46% van de raad worden benoemd door de President, terwijl de rest zal worden benoemd door een parlementaire meerderheid. Verkiezingen bij de rechterlijke macht zelf worden hiermee opgeheven.